Nieuws

Rooms-Katholieke Kerk Nederland > Caritas > Caritas: reflecties > Caritas in de praktijk: voedselkasten in Almere

Caritas in de praktijk: voedselkasten in Almere

Zoals Tilburg jarenlang werd geïnspireerd door de bekende ‘broodpater’ Gerrit Poels, kende ook Almere een religieuze pionier die een blijvend spoor heeft nagelaten in de zorg voor mensen die het moeilijk hebben. Zuster Corlies zette zich met grote toewijding in voor kwetsbare inwoners van de stad en inspireert nog altijd velen om naar elkaar om te zien.

Die erfenis is vandaag zichtbaar in de 28 voedselkasten die verspreid over Almere staan. Vanuit deze kasten kunnen mensen levensmiddelen meenemen wanneer dat nodig is, terwijl anderen juist producten achterlaten voor hun medebewoners. Het initiatief laat zien hoe naastenliefde, solidariteit en persoonlijke betrokkenheid in de praktijk vorm krijgen.

Wat begon als een concrete manier om mensen in nood te helpen, groeide uit tot een breed gedragen voorziening waarvoor de Caritas in Almere zich inzet. Daarmee leeft de geest van Zuster Corlies voort: niet in grote woorden, maar in eenvoudige daden van medemenselijkheid die iedere dag opnieuw het verschil maken.

Een leven van toewijding

Zuster Corlies werd geboren op 4 maart 1930 in Driehuis. Op 26 juli 1952 trad zij in bij haar congregatie FDNSC (Dochters van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart), waarna zij op 2 februari 1954 haar religieuze geloften aflegde. Haar leven stond geheel in het teken van dienstbaarheid aan God en aan de medemens.

In 1959 werd zij uitgezonden naar de missie in Papua, waar zij zich gedurende vele jaren inzette voor het welzijn en de vorming van meisjes en jonge vrouwen. Over deze periode getuigde zij later: ‘Het leven in de missie heeft ook mijn leven gevormd en gelouterd.’

Na haar terugkeer naar Nederland in 1981 wegens gezondheidsredenen, begon voor haar een nieuw hoofdstuk van toewijding—ditmaal in Almere, een jonge stad waar ook het kerkelijk leven nog in opbouw was. Gedurende 24 jaar heeft zij zich hier met grote inzet en toewijding dienstbaar gemaakt. Velen herinneren zich haar nog, rijdend op haar Spartamet, dagelijks onderweg om broden rond te brengen bij mensen die het nodig hadden.

Op 75-jarige leeftijd kwam door een ernstig fietsongeluk een einde aan haar werkzaamheden. In groot geloof en vertrouwen heeft zuster Corlies deze laatste fase van haar leven gedragen: positief, moedig en dankbaar voor alles wat haar gegeven was. Op 2 december 2008 overleed zij in het moederhuis van de FDNSC te Tilburg. Na haar overlijden werd in Almere het Zuster Corliesfonds opgericht, om haar geest van naastenliefde levend te houden.

Van inspiratie naar initiatief

In 2022 ontstond, mede geïnspireerd door het gedachtegoed van zuster Corlies, een bijzonder initiatief. Vanuit de PCI Almere werd het plan opgevat om voedselkasten te plaatsen in de stad, als antwoord op de groeiende, vaak verborgen armoede. In Almere groeit naar schatting één op de zeven kinderen op in armoede—een zorgwekkend gegeven dat boven het landelijk gemiddelde ligt.

Wat begon met vijf voedselkasten, groeide in korte tijd uit tot een netwerk van 28 kasten, mede dankzij diverse donaties en steun vanuit de gemeente. De voedselkasten werden door de PCI ingekocht bij een sociale werkplaats in Purmerend, waar zij met zorg zijn vervaardigd.

Om het initiatief te ondersteunen, werd in de narthex van de kerk een inzamelpunt ingericht, waar parochianen houdbare levensmiddelen kunnen doneren.

De voedselkasten functioneren volgens een eenvoudig maar krachtig principe van delen:

Neem wat u nodig heeft. Geef wat u kunt missen!

Het betreft een systeem van onderlinge solidariteit, waarbij mensen producten in de kast plaatsen die zij kunnen missen, zodat anderen hiervan gebruik kunnen maken. Iedereen mag meenemen wat nodig is (met een richtlijn van maximaal drie producten per keer) en bijdragen wat men kan missen. De voorkeur gaat uit naar houdbare levensmiddelen.

Samen zorg dragen

Dankzij de betrokkenheid van beheerders die een voedselkast in hun voortuin hebben staan, parochianen en de inzet van vrijwilligers heeft het initiatief zich kunnen ontwikkelen tot een breed gedragen voorziening. De voedselkasten zijn inmiddels een vertrouwd onderdeel van het straatbeeld geworden en worden in toenemende mate ook door buurtbewoners zelf aangevuld.

Het project wordt gedragen door velen. Vrijwilligers zetten zich in voor het onderhoud en schilderwerk, daarbij ondersteund door Stichting Inhout, die dagbesteding biedt aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en tevens bijdraagt aan het vervaardigen van nieuwe dakjes voor de voedselkasten. Twee voedselkastjes in Almere Poort zijn geadopteerd door de protestantse kerk “Tiny Church”. Die kerk zorgt voor het aanvullen van de kastjes met boodschappen, terwijl de PCI het onderhoud ervan heeft opgenomen in het onderhoudsschema. Dit is een mooi voorbeeld van hoe aandacht en zorg voor elkaar in de praktijk vorm krijgen en bijdragen aan de gemeenschap.

Een beweging van hoop

De voedselkasten in Almere zijn meer dan een praktische voorziening; zij vormen een zichtbaar teken van onderlinge verbondenheid en christelijke barmhartigheid. Zij herinneren ons eraan dat ogenschijnlijk kleine gebaren van delen en zorg een groot verschil kunnen maken in het leven van anderen.

Hoe wenselijk zou het zijn wanneer dit initiatief navolging vindt in andere steden en dorpen, zodat in elke straat een plaats ontstaat waar delen vanzelfsprekend is en waar niemand aan zijn lot wordt overgelaten.

Zoals het Evangelie volgens Lucas ons voorhoudt:

“Wie twee stel kleren heeft, moet delen met wie er geen heeft, en wie voedsel heeft, moet hetzelfde doen.”
— Lucas 3:11

In deze geest zetten de voedselkasten het werk van naastenliefde voort—als eigentijdse uitdrukking van een blijvende christelijke opdracht.

Corine van der Loos is diocescaan medewerker Caritas bisdom Haarlem-Amsterdam

Foto’s via bisdom Haarlem-Amsterdam

Tags: , ,